• Background Image

    News & Updates

    uitgeven in eigen beheer

February 13, 2019

Interview: Anonieme advocaat Dallau schrijft legal roman ‘Pleite’

Pleite, Dallau, legal roman, self-publishing, uitgeven in eigen beheer

‘Pleite’ is al verkrijgbaar vanaf 8.99 euro!

Dallau nodigt ons uit in een donker, gezellig café in Rotterdam. Daar vertelt hij meteen dat het café in kwestie een belangrijke inspiratiebron was tijdens het schrijven van Pleite en terugkomt in het boek onder de naam ‘Fabiola’. Hij komt rechtstreeks van de rechtbank in Den Haag waar hij een alimentatiezaak heeft behandeld en bestelt meteen een donker Belgisch biertje.

Je wilde nooit advocaat worden, maar was het dan vroeger wel je ambitie om auteur te worden? En hoe zie jij deze twee disciplines zich verhouden binnen de advocatenwereld?

Toen ik van de middelbare school kwam, was ik volgens mijn vader voorbestemd voor het conservatorium aangezien ik piano, jazz en tenorsaxofoon speelde. Om hem te treiteren ging ik rechten studeren. Ik was altijd wel geïnteresseerd in, met name, strafrecht omdat het toch wel mediageniek is. Maar natuurlijk sprak deze studie mij helemaal niet aan en ben ik zelfs een paar jaar gestopt met studeren.

Tijdens dat ik gestopt was met mijn rechtenstudie heb ik in bars en restaurants gespeeld en zelfs na het uiteindelijke afmaken van mijn studie, had ik niet het idee dat ik de advocatuur in ging. Na het afstuderen stapte ik een advocatenbureau binnen, waar ik acht maanden gratis gewerkt heb om te ontdekken of het toch iets voor mij zou zijn, aangezien ik vol met vooroordelen zat over het wereldje. Ik ben daar eigenlijk nooit meer weggegaan en na vier jaar ben ik eigenaar geworden van mijn eigen kantoor.

Als persoon heb ik niets gemeenschappelijk met advocaten. Ik zie mijzelf eerder als een probleemoplosser en bekijk de hele advocatuur liever vanop een afstand. De decadentie en jaloezie die de advocatuur typeert is meteen ook de reden waarom ik onder een pseudoniem schrijf. Op deze manier probeer ik te vermijden dat mijn schrijverschap een invloed heeft op mijn carrière als advocaat.

Het is je debuut als schrijver. Hoe verliep het schrijfproces? Zijn er dingen waar je tegenaan liep tijdens het schrijven?

Het schrijfproces heeft mezelf wel verbaast, want het ging makkelijker dan ik dacht, aangezien ik het verhaal al in mijn hoofd had. Ik ben gestart met het schrijven na het overlijden van een bevriende collega. Hij had mij meerdere keren aangemoedigd om te starten als schrijver. Uiteindelijk vertrok ik voor enkele weken naar een afgelegen huisje in Schotland. Daar schreef ik uren aan een stuk tot het verhaal volledig op papier stond. Want ja, ik schreef de volledige roman met de hand.

De combinatie van de rauwe advocatenwereld met humor en luchtigheid typeert Pleite. Was het moeilijk om hiertussen te balanceren tijdens het schrijven?

Helemaal niet. Alle cliënten komen op het meest labiele en verdrietige moment van hun leven bij een advocaat. Ze storten alle ellende in alle vertrouwelijkheid bij je uit. Op die manier word je een amateur psycholoog. Humor is dan ook heel belangrijk en verkleint de afstand tussen de cliënt en mijzelf.

Je bent zelf advocaat in Rotterdam. Denk je dat er verschillen zijn tussen de advocaten in de verschillende grootsteden?

Ik vind dat er wel een verschil is per regio en arrondissement. In Rotterdam kan je makkelijker oplossingen regelen tussen confraters onderling. Dit is veel moeilijker in Den Haag of Amsterdam, waar elke advocaat veel strikter en formeler werkt. Maar, het ligt natuurlijk altijd aan de persoon die achter de toga schuilgaat. Daarnaast is het merendeel van de advocaten in familierecht vrouwelijk en dat vergt toch een andere aanpak dan met mannen.

In het voorwoord vergelijk je de advocatuur met prostitutie. Heb je na 25 jaar nog het gevoel dat je werk bevredigend genoeg is?

Ja, zeker. Er worden natuurlijk niet dagelijks bloemencorso’s geleverd, maar de appreciatie van een cliënt geeft evenveel voldoening. Als een cliënt aan komt met een flesje wijn met een bedankt kaartje eraan, kan ik wel een week of wat op wolken lopen. 85% van de zaken die ik doe, zijn namelijk pro deo. Waardering is dan ook veel belangrijk dan de uiteindelijke rekening. Je moet dit werk niet doen met de ambitie om er rijk van te worden.

Ik behandel 250-300 zaken per jaar, maar geen twee zaken zijn met elkaar te vergelijken. Natuurlijk is de ene zaak bevredigender dan de andere, maar sommige dingen wennen niet, zoals ouders die de alimentatie van hun kind niet willen betalen bijvoorbeeld.

Pleite is het eerste boek van een trilogie. Wat kunnen we verwachten in het vervolg?

Het eerste deel heet niet voor niets Pleite; het gaat dan ook in veel opzichten over vertrekken of afscheid nemen. Het tweede deel zal In beroep heten. Deze titel richt zich zowel op het ‘in hoger beroep gaan’, alsook het uitoefenen van het beroep als advocaat. Samen met het derde deel vormt dit dan de kringloop van Evert zijn carrière.

Heb je nog tips voor beginnende advocaten of schrijvers? Je hebt namelijk van beide voldoende geproefd de afgelopen jaren.

Beginnende advocaten raad ik het volgende aan: doe het niet. (lacht) Heel veel jonge, ambitieuze studenten zijn helemaal weg van de grote kantoren. Toch raad ik ze aan om te starten in een kleiner kantoor. Je leert er veel binnen alle disciplines. En realiseer je dat de advocatuur 24 uur per dag is, zeven dagen per week.

Als schrijver kan ik alleen maar adviseren om zoveel mogelijk bij je eigen idee te blijven. Zoek inspiratie bij jezelf, want daar heb je het meeste verstand van.

Koop Pleite al vanaf € 8,99 als e-book of hardcover!

January 3, 2019

Interview: Hugo Verkley vertelt het pakkende verhaal van Arine Prins in ‘Moord in Zuid-Afrika’

Moord in Zuid-Afrika, Hugo Verkley, Arine Prins, Pees van Es

‘Moord in Zuid-Afrika’ is al verkrijgbaar vanaf 8.99 euro!

Hugo Verkley (1985) is journalist en antropoloog. Hij schreef hij al verschillende boeken en verhalen, zoals Staatsgeheimen, zijn tweede boek, waarmee hij de Brave New Books prijs 2014 won. Hugo Verkley schreef het Voetbalboek van het jaar 2017, Royston en vertelde het verhaal van Arine Prins over de moord op haar man, Peet van Es in het pakkende non-fictie boek Moord in Zuid-Afrika.

Je hebt journalistiek en culturele antropologie gestudeerd. Moord in Zuid-Afrika is een waargebeurd verhaal, maar voelt aan als een fictief verhaal omdat het zo’n onwaarschijnlijke situatie is. Hoe kun je als schrijver de knop omdraaien en je volledig inleven in het boek?

Het belangrijkste is, denk ik, het hebben van oprechte interesse en nieuwsgierigheid in een onderwerp of mens. Dat moet ik hebben voor ik aan een boek begin en had ik ook bij dit onderwerp. Dat was het geval met het verhaal van Arine Prins, want ze maakte het meest verschrikkelijke mee. Dan is het vervolgens vooral heel goed luisteren en vragen stellen, zodat je je beetje bij beetje meer en meer in het onderwerp kunt inleven.

Wat vond jij het moeilijkste deel om te schrijven in het boek?

Ik denk het stuk waarin Sterre, de dochter van Peet en Arine, vertelt over hoe ze daags na de moord het bloed van de muren heeft gepoetst. Ze zat op haar knieën en heeft uren zitten poetsen. Omdat ze nog zo jong is, vond ik dat wel ongelooflijk heftig. Maar dat geldt ook voor de stukken waarin Arine vertelt hoe Peet om het leven kwam. In het boek staan weinig stukken die ik met plezier heb opgeschreven.

Arine Prins, Peet van Es, Moord in Zuid-Afrika

Arine Prins, de vrouw van Peet van Es, tijdens de boekpresentatie van ‘Moord in Zuid-Afrika’.

Wat is de belangrijkste vaardigheid van een non-fictie schrijver vanuit je ervaring?

Ik denk dat je vooral oprechte interesse moet hebben en goed moet kunnen luisteren. Ik wil de ander begrijpen en snappen waarom iemand zo heeft gehandeld als dat hij of zij heeft gedaan. Daarbij probeer ik geen vooroordeel te hebben, dat helpt enorm. Dat klinkt eenvoudig, maar is niet zo makkelijk.

Hoe begin je aan het schrijven van een boek als non-fictie schrijver?

Eerst verzamel ik zoveel mogelijk informatie over het onderwerp waarover ik ga schrijven. De belangrijkste informatiebronnen zijn de personen over wie het boek gaat, over wie ik schrijf. Dus ik zorg ervoor dat ik hen veel te spreken krijg. Ook doe ik uitgebreid research, zo lees ik artikelen en andere boeken, kijk documentaires of films en spreek mensen die meer over een onderwerp weten dan ik. Als ik na een poos het idee heb bijna meer te weten dan de mensen die ik spreek en het gevoel heb genoeg informatie te hebben, is het tijd om te gaan schrijven. Op zo’n moment heb ik al mijn interviews ook al uitgeschreven, soms heb ik dan bijvoorbeeld 100.000 woorden op papier staan. Dan wordt het tijd om te gaan ordenen, te schrappen en te gaan schrijven. Dat resulteert uiteindelijk in een boek.

Wat zijn de belangrijkste tips die jij zou geven aan een beginnende non-fictie schrijvers?

Zorg ervoor dat het onderwerp waarover je schrijft je ook echt interesseert. Bij mij helpt het enorm om mij te verdiepen in zaken waar ik niets of weinig vanaf weet. Dan word ik extra nieuwsgierig, wil ik graag er meer over weten en kijk ik er ook anders tegenaan dan iemand die zich in die wereld bevindt. Daarnaast kan het erg helpen om van te voren al een globale hoofdstukindeling te maken. Dat maakt het meer behapbaar en zorgt er ook voor dat je tijdens de gesprekken beter weet welke richting je die keer op wilt gaan.

Moord in Zuid-Afrika is te koop als e-book of hardcover vanaf €8,99.